t/d-oefeningen
terug

Maak eerst het meervoud van het gegeven woord (waarbij steeds een d of een t ontbreekt). Schrijf daarachter het enkelvoud. Is het meervoud met een d, dan schrijf je het enkelvoud met een d. Is het meervoud met een t, dan schrijf je het enkelvoud met een t.

antwoor... - antwoorden - antwoord
honder... -
-
ten... -
-
maan... -
-
la... -
-
vreem... -
-
kin... -
-
boo... -
-
hon... -
-
moor... -
-
hoe... -
-