terug

Maandag 13 oktober 2008

Vandaag  trokken de leerlingen van het eerste en tweede leerjaar naar het bos.
We gingen naar het Pijnven.
Het is heel mooi in het bos.

Meester Tonny vertelt eerst dat het de bedoeling is om te leren over het bos.
We luisteren - we zoeken - we kijken - we ruiken - we genieten van het bos.

O, oh.... Fietsers en ruiters zijn niet toegelaten in het bos!

Op deze plaat staat informatie over het "Pijnven". Het bos is heel groot.

Gelukkig zijn er wandelpaden aangegeven. Volg je de rode pijlen? De groene pijlen?
Je kunt ook de gele of de blauwe pijltjes volgen.

Het hangt ervan af hoe ver je wil wandelen.

Wij gaan met de klas geen wandelroute volgen. Wij blijven in de buurt. Wij hebben anderhalf uur tijd. Wij kunnen jammer genoeg geen lange wandeling maken.
Misschien met papa en mama?

We mogen even een kijkje nemen in het bosmuseum.
In het bos zijn veel vogels. Maar je ziet ze niet zo snel! In de maanden mei en juni kun ze wel horen. Maar in oktober hoor je zelfs niet.
Maar ze zijn er! In het bosmuseum zie je ze wel!


Meester Tonny geeft ons opdrachten.
We mogen insecten zoeken.
En we kijken of we bladeren van de bomen zien vallen.
En we moeten proberen om ze te pakken.
We mogen een blaadje in de lucht houden door te blazen.
Dat is niet gemakkelijk!

 

Het is fijn om te stappen op de bladeren. Het voelt heel mals aan je voeten.
En rechts zie je een piepklein boompje. Een wortel, een heel dun stammetje en een boompje met twee blaadjes.

Kijk, een paddenstoel.  Van de onderkant ziet de paddenstoel er zo uit. Allemaal plaatjes.
In die plaatjes zitten sporen.
De sporen vallen op de grond.
Er komen nieuwe paddenstoelen.
Die paddenstoelen komen er heel erg vlug!

De kinderen vinden spinnen, pissebedden, kevertjes, allerlei insecten... Kijk, ik laat het kevertje lopen op het herfstblad.

Wij hebben paddenstoelen gevonden. We mogen ze niet aanraken.
We mogen ze niet plukken.
De paddenstoelen blijven netjes in het bos.
Sommige paddenstoelen kun je eten, andere zijn giftig.

We zoeken, we kijken, we ruiken, we genieten, we vinden ... de herfst.

Kijk eens: elk blad heeft een andere kleur. We moesten 5 bladeren zoeken met telkens een andere kleur.
Het was geen probleem om dit voor elkaar te krijgen.

Een klein eikenboompje.  De eikel hangt er nog aan! De eikel krijgt worteltjes en een stengeltje... De eikel zelf gaat dood. De boom groeit.

"Indien de graankorrel niet in de aarde valt en sterft,
blijft hij op zichzelf,
maar indien hij sterft, brengt hij veel vrucht voort" (Uit het Johannesevangelie).

We maken kleine huisjes voor de insecten.
Zouden er insecten gaan wonen in ons huisje?
Als ik een insect was, zou ik zeker een kijkje gaan nemen!

Sommige huisjes zien er reuzengezellig uit.
Hieronder rechts een heuse "paalwoning".

Het herfstbos op zijn mooist. Met onze kinderen erin! Leuk toch!

In het Pijnven staan heel veel naaldbomen. Heel mooi. Maar we vonden ook heel veel eiken en een hele grote tamme kastanjeboom. Maar we hebben jammer genoeg geen beuk gevonden.
Jammer, want de beukennootjes zijn erg lekker.
Ze zien er zo uit:

De bloesem van de wilde kastanje ziet er zo uit. Het lijkt wel op kaarsjes.

 

De wilde kastanje is heel bitter.
De bolster heeft dikke pikken.
Wij vinden wilde kastanjes niet lekker, maar de dieren vinden ze wel lekker.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hierboven de wilde kastanje, hieronder de tamme kastanje.

 

 

 

 

 

 

Tamme kastanjes zitten in bolsters met heel veel kleine scherpe naaldjes.
Wat erin zit, is heel erg lekker.
Je kunt de tamme kastanjes ook poffen. Dan zijn ze nog lekkerder.

De vliegenzwam is heel giftig. Afblijven!

 

Er zitten heel veel eekhoorns in het bos. Maar als je met de klas naar het bos gaat...

dan zie je jammer genoeg geen eekhoorn.
De eekhoorn is veel te bang van de mensen.

 

Eikels zijn er genoeg te vinden.
Ze groeien aan de eikenboom.

 

De paddenstoel hier beneden heeft een prachtige naam:

eenhoorntjesbrood. Lekker om op te eten. Maar laat ze toch maar liever staan in het bos.

 

 

 

 

 

Wie lust er geen hazelnoten?

Hazelnoten hebben we echter niet gevonden in het bos.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maar wat we wel weten... Het was fijn in het bos!

 

 

terug